Tijd van Verovering

Uit de geschriften van Erna Drechslerg, hoogleraar Keizer David de Grote aan de academie van Torquil.

Aan het begin van de eerste Soevereiniteit oorlog warenKeizer David de Grote en zijn leger de stad Esgard aan het inlijven. De verklaring van oorlog kwam, doordat de elfenlegers over de grens trokken en richting de Ethlinn begonnen te marcheren. Keizer David liet de langzame elementen van zijn leger achter en vertrok met zijn cavalerie richting Torquil om persoonlijk de verdediging te leiden van zijn rijk.


De slag om de Ethlinn’s crossing: 3854

David de Grote, riep zijn volk te wapen en het volk van Torquil antwoordde met overweldigende steun aan de jonge keizer. Het Keizerrijk onder leiding van Keizer David verscheen met 7340 mannen bij de slag om Ethlinn’s crossing. Het doel van de Keizer was om de opmars van de 12000 Elfen te stoppen bij de vernauwing van de oversteekplaats van de Ethlinn.

Het leger, dat voornamelijk bestond uit licht getrainde militie, wist voor 7 dagen de oversteek te behouden. Dit was voornamelijk te danken het feit dat de keizer zijn elite cavalerie, die hij had meegenomen vanuit Esgard, had aangesteld als morele ankers van de militie, door de helft van hun te voet te laten vechten als de sergeanten in dit onervaren leger. Na 7 dagen vechten waren de verliezen aan David’s kant groot: De grote getallen aan boogschutters die de elfen in gevecht opstelden eisten een grote tol op de licht gepantserde militie eenheden. Maar de heroïsche afslag van een charge van elite speerdragers van de elfen door de 2de cavalerie eenheid van torquil, de keizerlijke garde en Keizer David de Grote, die persoonlijk de verdediging leidde, zorgde voor een hoog moraal bij het slinkende leger van de Keizer. Op de 7de dag werd de patstelling gebroken:  De elfen hadden een andere route gevonden over de Ethlinn en hun cavalerie was bezig met een omtrekkende beweging, wat de Keizer dwong zijn positie gewonnen te geven en terug te trekken naar Torquil en de omliggende forten.

Om de aanvallen van de elfen te weerstaan werd Holger’s Hold een plek aangeboden in het keizerrijk. Het smeden van deze alliantie zorgde ervoor dat het Keizerrijk de voorraadlijnen van het vooruitgeschoven elfenleger, wat opmarcheerde naar Torquil, kon doorbreken. Dit zorgde ervoor dat Keizer David genoeg tijd had om zijn verdediging van Torquil voor te bereiden. Maar de alliantie verbrokkelde, aangezien de dwergen zich steeds dieper de bergen ingroeven, en de zaken in het daglicht liever vergaten.


De slag om Torquil: 3854

Na dat Ethlinn’s crossing niet langer gehouden kon worden, . Trok de Keizer terug met wat er over was van zijn leger. Aangekomen in Torquil krijgt hij bericht dat zijn voetsoldaten Esgard op de knieën hadden gekregen en aan het opmarcheren waren richting Torquil. Het plan werd gesmeed om de forten rondom Torquil, die eerst als onhoudbaar werden ingeschat, rondom Torquil te bemannen, en zo het elfenleger zolang mogelijk op afstand te weten houden. De forten Almsholt en  Er werden orders naar het Keizerlijke leger gestuurd om een omcirkelende beweging te maken, zodat Torquil niet alleen ontzet zou kunnen worden, maar het elfenleger ook serieus schade aangebracht zou kunnen worden.

De verdediging van Torquil werd geleid door Keizer David de Ggrote. Mmet hem verdedigde 4210 mannen Torquil en de omliggende forten tegen 7000 elfen.

Eerste dag: de val van Almsholt.

Keizer David stelde zijn neef “naam”Heer Cornelis Laoghairnon aan als commandeur van de verdediging van het fort Almsholt en gaf hem 850 mannen mee. “Naam”Heer Cornelis merkte op dat het fort versterkt zou kunnen worden tegen belegeringswapens, en liet een trebuchet binnen de muur opstellen om de katapulten van de elfen te kunnen bedreigen. Er zijn geen overleveringen uit dat fort gekomen, maar wat gezien is door de uitkijkposten in Torquil is dat nagenoeg het hele elfen leger zich stortten op in een bestorming van Almsholt. Tegen het einde van de dag viel het porthuis van het fort en wisten de elfen door de poort binnen te dringen. Het offer van ‘naam’ Heer Cornelis en diens soldaten wordt nog steeds bezongen in het lied ‘Arende over Almsholt’.

Tweede dag: Het beleg van Richebruck.

Keizer David leiddeied  zelf de verdediging van Richebruck. Hij nam 1600 mannen met hem mee naar dit fort, wat door zijn vader gebouwd was. Door de overweldigende aantallen van de elfen konden zij enkel toekijken hoe het fort Almsholt verslonden werd in ééeen dag. Dit gaf Keizer David en zijn mannen wel de tijd om hun fort gevechts klaar te krijgen. Toen de volgende dag het elfenleger aan het beleg begon, waren Richebruck’s verdedigers vastberaden en voorbereid op wat er komen ging. Na een zeer bloedige dag wist men de elfen te weerstaan, en werden er zelfs meerder elfen magiërs gedood., Ddit brak het moraal van het elfen leger, waardoor de aftocht geblazen moest worden en het fort standhield. Er zijn meerdere ooggetuigen waaruit blijkt dat Keizer David persoonlijk de elfen magiërs bevocht.

Derde Dag: De ontzetting is nabij.

Op de derde dag hadden kregen de elfen leiders van de elfen lucht gekregen van het optrekkende keizerlijke leger. EnZe bereidden zich voor waren aan het voorbereiden om nog een laatste charge uit te voeren op Richebruck en zo het keizerrijk te beroven van hun heldhaftige keizer. Toen de hammer van het elfenleger nogmaals neerkwam op Richebruck, . Wwisten de verdedigers ondanks de uitputting en de verliezen. D de muren te houden. En tToen het moraal op knappen stond aan beide kanten was daar de Keizer te paard aan het hoofd van de 1760 verdedigers uit Torquil en brak de flank van het elfenleger. Nadat het elfenleger teruggetrokken was naar zijn kampen en gehergroepeerd was, wist de Keizer dat hij zijn voordeel niet verder kon drukken. De charge die de verdedigers van Torquil uitvoerde is vereeuwigd in een schilderij wat nog altijd in de troonzaal van Torquil hangt. De geschiedenis leert ons dat deze actie het elfenleger beroofde van een ordelijke aftocht, waardoor de omcirkeling mogelijk werd.

De vierde dag: De om cirkeling.

Bij het ochtendgloren blinkten de heuvels ten oosten van Torquil van de pantsers van het Keizerrijk,. Hhet leger had de nacht door gemarcheerd en verraste zo het elfenleger. De Keizer bood de leiders van het elfenleger een kans om zich over te gegeven, maar de arrogante elfen zagen niet in dat ze verslagen waren en probeerde bij het parlay de keizer te doden. Ondanks de verwonding die de keizer hier aan overhield liedeidde hij hoogste persoonlijk de charge die het elfenleger versplinterde en het beleg van Torquil beëindigde.


De slag om Iltharion: 3961

Na een zware oorlog door het door elfen overgenomen landschap, wist het Keizerlijke leger, met de versterking van de verdedigers van Torquil, het elfenrijk en zijn legers terug te drukken naar diens hoofdstad. Na de belegering gaf het elfenrijk zich over aan de Keizer David. Hhet volgende stuk is toegeëigend uit de notities van Erdil van huize Aldur, leider van de elfenlegers:

“De keizerlijke legers rukken op richting onze hoofdstad, en weldra zal het beleg ervan een feit worden. Ondanks de incompetentie van de mensen is hun leider getalenteerd, en het lot wil dat onze legers niet langer in staat zijn de opmars van het keizerrijk tegen te gaan, omdat er te veel van die moddermensen zijn. Het lijkt erop dat schoonheid, kennis en verfijndheid het moet afleggen tegen de massaproductie van de mens en de verraderlijke dwergen uit Holgers Hold. Ik heb de magiërs opgedragen de grootste magische vindingen te verbergen zodat de onwetende keizer ze niet te pakken krijgt. Ik zie in dat het verdedigen van onze nalatenschap, van Aldur’s nalatenschap in deze stad, een verloren zaak is. Maar mogen Aldur mij horen dat ik tot mijn laatste adem teug die modder handen van onze schoonheid Iltharion zal afhouden, op dat Aldur’s legende zal herbloeien.”

Het Keizerrijk verscheen voor de poorten van Iltharion met een leger 17000 sterk. De verdediging van de stad wordt geschat op 8000. Na een beleg van 1,5 jaar wisten de troepen van de Keizer de stad in te nemen. Nadat Iltharion opgegaan was in een vlammenzee gaf het elfenrijk zich over en werd de eerste oorlog om Soevereiniteit beëindigd.