Tijd van Verlichting

Uit de onderzoeken van Aymer, bewaarder van het archief van driscoll, Torquil.

Ontstaan keizerrijk.

Het keizerrijk werd geboren met een belofte: Een profeet was opgestaan uit de kleine stammen in het toekomstige keizerrijk. Hij begon aan de eerste verenigings-oorlog in de naam van Shivaun. Hoeweldeze oorlog gestart werd door Shivaun’s profeet wist hij deze niet te beëindigen, en liet hij het keizerrijk een profetie na over een godenkind dat Shivaun en het keizerrijk naar alle uithoeken van de bekende wereld zou brengen. Dit zou de eerste melding kunnen zijn van Keizer David’s komst. De verenigings-oorlog werd beslecht door een volgeling van Moira die vrede bracht in de vorm van het nieuw gevormde keizerrijk. Er is helaas niet te achterhalen wie deze volgeling was en of zij de eerste was die uit naam van Moira handelde.


Gerecht en wraak.

Ondanks het verenigen van het keizerrijk wijzen de documenten erop dat de staat werd geregeerd door het recht van de sterkste. Het land werd voornamelijk geregeerd door krijgsheren en corrupte staatsmannen. Zelfs de rechtvaardige heerschappij van de keizersfamilie leek verminderd. Tot de roep naar gerechtigheid werd beantwoord door Anselm Geiszler, een ware paragon van gerecht. Hij begon zijn queste voor het Recht in Torquil, waar hij woonde, met het aan de kaak stellen van deze misstanden en predikken dat men zijn roep naar gerechtigheid niet moest botvieren met het staal van Shivaun maar met de rechtspraak, met Haldor. Nadat de Keizer het licht had gezien en de ketens van zijn corrupte hof had afgeworpen, stelde hij dat zijn woord wet was, bij het recht dat haldor hem had gegeven.

Niet lang hierna beginnen de eerste verhalen van Doran, de gevallen hogepriesters en brenger van wraak, de ronde te doen. Zij die onteerd waren zoals Doran, verheven door Shivaun zelf, begonnen zich af te keren van het wetboek van Haldor. Zijn strakke regels en perfectionistische praktijken hadden geen plaats in het echte leven op het land en zelfs in de konkels van de adellijke families. Zij die geen heil vonden bij Haldor’s strake perfectionistische praktijken konden volgens Doran’s priesters hun eer terug winnen: Door wraak te nemen. Hier lijkt het oude gezegde ‘oog om oog, tand om tand’ ook geboren te zijn.


Het oog en de peul

De overleveringen over de openbaring van Driscoll zijn tot mijn verbazing en schaamte zo wanoordelijk als de ongewassen boeren buiten onze stad. Ik geloof dat mijn leraar, Driscoll, de eerste letters heeft gedrukt en de eerste vormen van magie leerde aan onze hooggeleerde. Maar in al mijn onderzoek naar de goden kan ik niet ontdekken wanneer de god van kennis en wijsheid zich heeft openbaart aan ons. Ik vrees dat Driscoll mij het antwoord op deze vraag tot het eind van mijn tijd zal onthouden.

Misschien nog schimmiger dan de meldingen over Driscoll en het ontstaan van zijn geloof, is het merkwaardige geloof van de waakster. Hoewel er al zeer vroeg in de geschiedenis zelfs in de tijd van verandering gerept wordt over de gekte die men vaak constateert bij haar volgelingen, is dit natuurlijk niet aan te leveren als een profeet of bewijs van openbaring. De eerste melding van haar naam die ik heb kunnen vinden is zo onduidelijk als haar zieners zijn, maar lijkt onmiskenbaar op een descriptie die haar beschrijft. Deze melding was in het jaar 3449, als een voetnoot bij een slag met de beestmensen uit de bossen,die tot in detail voorspeld zou zijn door een blinde vrouw.


Preservatie

Over de openbaring van Kalithé is weinig bekend, al wordt er al melding gemaakt van het geloof in deze God vanaf rond het jaar 2900. Dit is ook niet gek, nog altijd wordt er op bepaalde praktijken van dit geloof neergekeken door zowel geleerde als andere gelovige. Doch biedt zijn geloof een ontsnapping aan de sterfelijkheid waar wij allen mee worstelen. En met de dag worden zijn dogma’s steeds vriendelijker bekeken door zij die hun oude dag tegemoet gaan.